vrijdag, maart 23, 2012

I am I: Lekker makkelijk!

Ja, we lezen het al vroeg: je bent wie je bent wie je bent... Maar leren we het ooit echt? Hoe vaak hoor je ouders niet roepen: "Dat doet hij anders nooit hoor..."? Willen we niet allemaal weten wat anderen van ons vinden? Vast wel, toch (waarom blog ik dit anders :-))? We noemen dat vaak "jezelf ontdekken" of "op zoek zijn naar jezelf". Een prachtig proces dat eindigt tussen 6 planken, en is het maar de vraag of je jezelf daar gevonden hebt.
Het wordt ons in dat proces niet makkelijk gemaakt. We worden tot allerlei zaken verplicht die de zoektocht in de weg staan. Onderwijs bijvoorbeeld; hoe kun je jezelf vinden als je elke dag in de schoolbanken moet zitten? Of nog erger: Arbeid... Van 's-morgens vroeg tot 's-avonds laat geen tijd om te zoeken naar jezelf... We hebben een werk telefoon en een privé telefoon, een werk email en een privé email, een werk plek en een thuis plek. We hebben een werk ik en een thuis ik.
Sociale Media zou daarin een game-changer zijn. Een nieuwe manier van verbondenheid waarin we écht onszelf kunnen zijn. Maar wat gebeurt er? We hebben een werk twitter en een privé twitter, een werk facebook en een privé facebook, een... Het wordt dus eigenlijk alleen maar erger!
Ik heb moeite met de splitsing tussen werk en privé. Ik herinner me dat, vanaf de eerste dag dat ik, naast mijn privé email, een werk email kreeg, ik het lastig vond. Ik ben ik, dus ik wil op één plek bereikbaar zijn. Gelukkig bestaat er sinds 2004 (en heb ik sinds 2005) GMail. Dat maakt dat ik per email, in ieder geval privé, al ruim 7 jaar eenduidig te bereiken ben. Wel heb ik naast mijn GMail account nog steeds een werk email. Gelukkig is dat het enige. Ik heb één mobiel nummer, ik heb één Facebook account, ik heb één Twitter account, ik heb één... Kort gezegd, ik ben via vele kanalen te vinden, maar wel op één manier per kanaal, want: ik ben ik...
"Knap" noemen mensen dat. Ik noem het "lekker makkelijk". Ik ben gewoon ik en ik hoef niet na te denken over waar ik ben. Ik geniet van mijn werk, ik geniet van mijn privé, en ik prijs mezelf gelukkig. In mijn pogingen mezelf te vinden hoef ik maar op één plaats te zoeken: bij mezelf!
I am I: Lekker makkelijk!

vrijdag, maart 09, 2012

No Guts...?

Start note: I am writing this in English, because I am about to discuss a topic that I discussed in the past two days on an international conference... Maybe some international fellow-attendees would like to comment :-).

No Guts, No Glory! A slogan I like, use frequently, and try to live by, in many situations anyway...

Unfortunately, the Healthcare sector seems to live by a whole other slogan: "No Proof, No Nothing!". That's my conclusion after attending the International Congress on Telehealth and Telecare in London this week. It was a great conference, organized and attended by great people, and filled with great talks, discussions, and presentations. For a pragmatic person like myself the content was somewhat too academic at times, but, having two academic degrees of my own, I was quite able to handle it :-).

Let me summarize what I heard:
Telehealth and Telecare (a) significantly improve the quality of life for pretty much any patient in any conceivable situation in which they are applied, (b) provide equal or higher quality of care, and (c) significantly reduce the cost of care, all at the same time.

As one of the Keynote speakers put it: "We call this a no-brainer!".

Let me summarize what I see:

Telehealth and Telecare are hardly being applied in the current practice of Healthcare. Nobody has the Guts to take the lead or initiative, so nobody gets any Glory. All the while, all these academic studies get funded, only to provide (more) proof on something we already know, on something "we call a no-brainer". We know one plus one equals two, we know water is wet, and we know that Telehealth and Telecare work. Many thanks to the academic studies!

My suggestion? Stop funding any further academic research aimed at finding positive proof for positive results of Telehealth and Telecare. Instead, apply those funds to improving the quality of life (of more) of our patients, improving the quality of care, and saving some money!

No Guts, No Glory! Just Do It! Let's Go!

End note: I work for a company that provides elderly care in the Netherlands and work on improving the quality of life of our patients every day (well, I try my best anyway...;-)). We are on the verge of putting some of our own experiments with Telecare into wider practice. It is hard hard hard for many reasons, but I'm sure we'll get there, one step at a time...

maandag, februari 27, 2012

Gezellig 2.0

Sociale Media vind ik een razend boeiend fenomeen. Wie niet trouwens, want, je kunt er bijna niet meer omheen. Zo'n beetje de hele wereld is lid van een digitaal sociaal netwerk. Sociale netwerken vormen welhaast een wereld op zich.

Zelf ben ik redelijk thuis in die wereld. Ik ga mezelf geen guru noemen, want dat is teveel eer, maar als er iets te proberen valt, dan ben ik van de partij. Ik sta open in de sociale netwerken waaraan ik deelneem. Ik heb niets te verbergen en niets om me voor te schamen (vind ik :-)). Ik vind het leuk te zien wat anderen bezig houdt en ga er vanuit dat dat wederzijds is.

Ik ben niet iemand die de wereld laat weten dat ik op het toilet zit, onder de douche sta of m'n tanden aan het poetsen ben, en dat hoef ik ook van anderen niet te weten... Ik hanteer in de sociale netwerken, net als in het gewone leven, het aloude adagium: "Wat gij niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet". "Goed fatsoen" noem ik dat. Ik deel zaken waarvan ik denk of weet dat anderen het waarderen. Meestal gaat het om een artikel, een boek, een film, muziek, foto's van mijn kinderen en sporadisch laat ik weten waar ik ben.

"Digitaal exhibisionisme!" noemde iemand dat laatst. "Wat kan mij het nou schelen waar al die mensen mee bezig zijn?", was het argument. Een terecht punt, want laten we eerlijk zijn, wij zijn toch allemaal exhibitionisten, of niet? Op een feestje of in de kroeg praten we honderduit over werk, kinderen, auto's, films, muziek, etc. Dat doen we met mensen die we kennen, direct of indirect, of mensen die we net hebben ontmoet. Dat noemen we "gezellig".

Kennelijk is "gezelligheid" in digitale vorm "exhibitionisme"... of begrijp ik het verkeerd? Volgens mij valt het wel mee met dat exhibitionisme. Volgens mij zijn we op sociale netwerken vooral gewoon "gezellig". Gezellig 2.0!

woensdag, februari 15, 2012

Als er ijs ligt MOET je schaatsen...

Ik zag gisteren "Fever Pitch". Inderdaad, geen briljante film, maar wel romantisch en entertaining en dus prima voor Valentijnsdag. Het ging over een stel waarvan de jongen een extreme Boston Red Sox fan is. Alles in zijn huis, van zijn tandenborstel tot zijn deurmat, heeft Red Sox logo's. Alles moet wijken voor Red Sox wedstrijden. Je zou kunnen zeggen dat alles draait om de Red Sox, totdat het honkbalseizoen weer voorbij is. Dan is hij gewoon een normale vent.

Vorige week voelde ik me een beetje als die jongen tijdens het honkbalseizoen. Waarom? Nou, er lag ijs en als er ijs ligt dan moet je schaatsen, tenminste, dat vind ik. Want hoe vaak gebeurt het dat je op natuurijs kunt schaatsen en zelfs toertochten kunt rijden? Juist, zelden! En wat is er mooier dan schaatsen op natuurijs? Heel weinig, tenminste, dat vind ik. "Schaatskoorts" noem je dat, geloof ik. Gezien de drukte op het ijs ben ik niet de enige die daar last van heeft, maar is desondanks niet iets wat iedereen begrijpt.

Mijn vrouw, bijvoorbeeld. Zij snapt er niets van! Ik neem vrij van mijn werk om te kunnen schaatsen. Ik wilde zelfs op mijn papa-dag oppas voor de kinderen regelen om te kunnen schaatsen. Dat lukte niet en dus ben ik met mijn kinderen gaan schaatsen. Dat was ook fantastisch trouwens.

Het feit dat mijn vrouw zo weinig van mijn "koorts" begrijpt zette me wel te denken. Hoe kun je zoiets geweldigs niet begrijpen? Mijn vrouw is Amerikaanse en ik vind dat een goed excuus voor haar onbegrip, maar ik ben Nederlanders tegen gekomen die moeite hebben de koorts te begrijpen. Vreemd, maar ik denk dat een diepgewortelde overtuiging dat "als er ijs ligt je moet schaatsen" niet uit te leggen is. Misschien moet je het niet proberen uit te leggen (of te begrijpen), maar gewoon voor lief nemen.

Dat deed mijn vrouw en gebeurde uiteindelijk in die film ook. Ik heb dus een heerlijk schaatsweekje gehad... en nu is het seizoen weer voorbij :-).

donderdag, februari 02, 2012

Leeftijdsschattingen: Altijd een compliment!

Ik ben morgen jarig en om te beginnen heb ik mezelf maar eens getrakteerd op een dagje vrij. Daarom stond ik gisterenavond in de keuken om een appeltaart te bakken die ik vandaag aan mijn zeer gewaardeerde collega's heb getrakteerd.
 
Dan komt vanzelf de vraag: "Hoe oud word je?". Tsja, ik ben man, dus dan mag je dat vragen. Om daar geen twijfel over te laten bestaand heb ik mijn leeftijd (38) op de taart "gebakken". Dat werd gewaardeerd en ging tevens gepaard met uitspraken in de volgende twee categoriën:
1. Ik schat je jonger in
2. Ik schat je ouder in

In het algemeen wordt de eerste categorie gezien als compliment. Die uitspraak gaat volgens mij primair over uiterlijk en betekent eigenlijk: "Goh, je ziet er jonger uit dan een gemiddeld persoon van jouw leeftijd". De assumptie daarbij is dat er "jonger" uitzien gelijk staat aan er "beter" uitzien. Ik vraag me af of dat voor iedereen geldt, maar dat terzijde. Ik ga daar ver in mee, want laten we eerlijk zijn, wie wil er nou niet "jong" en "goed" uitzien?

De tweede categorie wordt vaak gezien als belediging, toch? Ik zie dat anders. In mijn interpretatie gaat die uitspraak over innerlijk. Ik realiseer me dat deze interpretatie op zich geïnterpreteerd kan worden als ontkenning of mooipraterij. Prima, ik ben positief dus mijn interpretatie is positief. In mijn interpretatie betekent het: "Goh, maar jij bent zoveel levenswijzer dan de gemiddelde persoon van jouw leeftijd".

Ik neem beide uitspraken met open armen en een bedankje voor het compliment in ontvangst.

dinsdag, januari 31, 2012

Verwacht van de dokter dat je fatsoenlijk behandeld wordt!

Ik verbaas mij bij vrijwel elke afspraak met een specialist in een ziekenhuis (maar ook de huisarts trouwens, alleen is daar de remedie nog niet effectief gebleken...) over de nauwkeurigheid waarmee een afspraak wordt gemaakt (voorbeeld: 9:50) en het gemak waarmee er van je verwacht wordt een uur in de wachtkamer te zitten. Gevolg: jij rent je rot om op tijd te zijn, meldt je netjes op tijd (9:45 in het voorbeeld) bij de balie en vervolgens mag je in je handen knijpen als je voor 11:00 weer buitenstaat... ja, ook bij een consult van een paar minuten.

Ik vind dat onfatsoenlijk en vraag dus om 9:55 vriendelijk waar de dokter blijft en om 10:05 (een kwartier te laat op een consult van een paar minuten) zeg ik vriendelijk: "Sorry, ik heb een andere afspraak om 10:30, u kunt mij zo en zo bereiken om een nieuwe afspraak te maken." Mijn redenering: afspraak is afspraak. Ben je niet op tijd, of komt er iets tussen, laat het dan even weten, kan altijd gebeuren, maar patiënten hebben ook andere dingen te doen, een baan bijvoorbeeld, het zijn namelijk ook gewoon mensen...

Resultaat tot nu toe: Ik word op de afgesproken tijd of binnen 5 minuten daarna geholpen (en als ik vroeg ben soms zelfs voor die tijd).

Bij dat resultaat vraag ik me natuurlijk af hoe dat komt... Ik hoop dat de specialist door meer mensen op zijn of haar fatsoen is aangesproken en op basis daarvan zijn zaakjes beter op orde heeft. Maar, het zou zomaar kunnen dat die andere mensen door mijn handelswijze langer in de wachtkamer zitten, waarvoor excuus in dat geval. Tegen die mensen zeg ik: pas dit ook toe!

vrijdag, januari 27, 2012

Ik wil je boek kopen, maar niet op papier...

Ik ben erg "e". Zowel in werk als in privé genereer ik niet of nauwelijks papier. Een blik in mijn tas leert dat het enige papier dat ik nog gebruik bestaat uit een lunchkaart voor het bedrijfsrestaurant en uit visitekaartjes.

Zakelijk gezien is het laatste printje dat ik heb gemaakt een maand of twee geleden. Ik moest mijn declaratie voor mijn onkosten indienen. Dat kan bij ons nog (steeds) niet digitaal. Notities maak ik gewoon op mijn iPad, dus een kladblok heb ik niet nodig. Het enige papier waar ik zakelijk mee te maken heb, is papier dat ik krijg. Dat bestaat vooral uit nagekomen stukken in een vergadering. Ik vraag de indiener daarvan meestal mij die stukken te mailen. Dat kan vaak meteen via de iPad. Wat ik toch nog krijg, scan ik en gooi ik weg.

Privé heb ik vorig jaar om precies te zijn zes velletjes afgedrukt: twee velletjes voor mijn ESTA formulier (dat is toch een veilig idee om op papier bij je te hebben als je naar Amerika reist) en vier velletjes voor de kerstvakantie (één per e-boarding pass). Die heb ik afgedrukt omdat er stond dat dat moest, want begrijpen doe ik dat eigenlijk niet...

Zowel privé als zakelijk lees ik veel, maar al een paar jaar niet meer op papier, tenminste, als dat kan. En dat laatste begrijp ik niet, want dat kan namelijk niet altijd!

Vooral zakelijk zijn veel boeken niet digitaal beschikbaar. Ik kan me voorstellen dat er onderwerpen zijn waarvan de doelgroep minder "e" is dan ik ben en dat je daarom geen digitale versie uitbrengt. Maar ik ben een nerd en lees zakelijk dus boeken over moderne technologie en ICT enzo. Zelfs die boeken zijn niet digitaal beschikbaar.

Ik kan inmiddels een hele waslijst van boeken maken die ik graag zou willen lezen. In eerste instantie was ik nog zo gek om van die boeken dan maar een papieren versie te bestellen, maar ik ben daarmee gestopt. Erg jammer want zoals gezegd, mijn lijst is lang en groeiende. Ik wil ze kopen, maar niet op papier! 

We kennen allemaal de discussie van digitale muziek. Als je het mij vraagt gaat de boekenmarkt precies dezelfde kant op. Ik heb een tip: Angst is een slechte raadgever, ook angst voor vernieuwing!